Sem en de reuzenachtbaan
Leeftijd 6–8
In het pretpark voelt Sem zijn buik kriebelen bij het zien van de reuzenachtbaan. Terwijl alle vrienden volhouden dat ze niet bang zijn, vindt hij de moed om de ware, moeilijkste zin van de dag uit te spreken: ‘Ik ben doodsbang, en ik wil niet in de achtbaan.’

De poort van het pretpark zwaaide open. Het rook naar popcorn en zonnetje. ‘Wie het eerst bij de achtbaan is!’ riep Daan, en hij rende al weg. Sem keek omhoog naar de reuzenachtbaan, die zich kronkelend tegen de wolken aftekende, en zijn buik draaide mee. Hij raakte het rode zakje aan zijn riem aan. Draai, draai, draai.
In de rij voor limonade zette Daan zijn borst vooruit. ‘Die achtbaan stelt niks voor. Ik ben nergens bang voor!’ Priya schoof haar bril recht en zei niets. Sam lachte een beetje te hard. Sem kneep in het rode zakje. Draai, draai, draai ging zijn buik, maar hij bleef stil.
Ze liepen langs de draaimolen, waarvan de beschilderde paarden goudkleurig glansden. Sam trok aan Sems mouw. ‘Heb je er geen zin in? Iedereen gaat toch in de grote achtbaan.’ Sem kreeg een brok in zijn keel. Hij slikte en knikte alleen maar. Zijn voeten zaten vastgeplakt aan de grond.



Maak het met de naam en foto van je kind · Bekijk de verhalenbibliotheek