Noah en de koepel tegen de storm
Leeftijd 6–8
Als een overlevingsoefening op een wetenschapskamp Noah achterlaat met alleen krantenpapier, splitpennen en een naderende storm, moet hij de sterkste vorm uit de natuur ontdekken om een schuilplaats te bouwen die niet instort.

“De oefening van vandaag,” riep boswachter Tom, “is een schuilplaats bouwen! Tegen zonsondergang trekken er onweerswolken op. Iedereen bouwt een schuilplaats, en als de regen komt, schuilen we allemaal samen.” Noah kreeg een kriebel in zijn buik. Hij keek naar de lege kring van aarde en vroeg zich af: welke vorm kan er nou een heel dak dragen?
“We krijgen alleen maar krantenpapier, splitpennen en touw,” zei Nell, hardop tellend. “Twaalf, dertien, veertien splitpennen per kind!” Noah keek met gefronste wenkbrauwen naar een slap vel krant. “Papier kan toch geen dak dragen,” mompelde hij. “Het is veel te zacht. Hier moet een trucje voor zijn.”
Noah rolde een vel krant op tot een strakke buis en drukte de uiteinden dicht. Het voelde stevig, bijna als een klein houten staafje! “Kijk, Nell, opgerold is het sterk!” zei hij. “Misschien is de vorm van het papier wel belangrijker dan het papier zelf.”



Maak het met de naam en foto van je kind · Bekijk de verhalenbibliotheek