Julia en het zwermpje bestuivingsdrones
Leeftijd 6–8
Als een plotselinge vorst de bijen van de boomgaard in hun kast gevangen houdt, bouwt Julia een zoemende zwerm van kleine drones met borstelbuikjes om elke appelbloesem te bestuiven voordat de bloemen vallen.

Er glinsterde rijp op elke appelbloesem, als strooisuiker op snoep. In de houten bijenkast bleven de bijen opgekruld en stil zitten, veel te koud om te vliegen. “Geen bijen, geen appels dit jaar,” zuchtte oma Nel, haar adem een wit wolkje in de kou. Julia staarde naar de stille kast, haar kaken strak op elkaar. “Dan hebben we helpers nodig die niet bang zijn voor de kou,” zei ze.
In de rode werkplaats in de schuur legde Julia tandwieltjes, opgerold draad en een zachte klos paardenhaar van oma Nels oude kwasten neer. “Bijen dragen stuifmeel op hun donzige pootjes,” fluisterde ze, terwijl ze een piepklein motortje in haar hand ronddraaide en diep nadacht. Er kwam een plan tot leven in haar hoofd, dat luider zoemde met elk tandwieltje dat ze draaide. “Vlieg recht, vlieg recht
Haartje voor haartje plakte Julia zacht paardenhaar op de ronde buik van een klein dronetje, terwijl ze haar nieuwe liedje zachtjes neuriede. “Zo, lekker donzig en klaar,” mompelde ze. De oogjes van glaskraal van het apparaatje knipperden wakker en de vleugeltjes maakten een wiebelig proefzoemmetje, voordat Julia hem veilig opving in haar open hand, met een brede grijns.



Maak het met de naam en foto van je kind · Bekijk de verhalenbibliotheek