Zoë en het bionische been voor Barnaby de uil

Leeftijd 6–8

Als een gered kerkuiltje na een blessure zijn evenwicht kwijt is, verandert Zoë een werkplaats vol tandwielen en lijm in een biomedisch laboratorium. Ze overwint haar eigen twijfels en ontwerpt een gloednieuwe klauw voor Barnaby.

De omslag van “Zoë en het bionische been voor Barnaby de uil”

In Dierenopvang Beemdwei vond Zoë, in haar mosterdgele corduroy tuinbroek en gestreepte shirt, Barnaby de kerkuil, ineengedoken in het hooi. Eén poot zat in een wit verband. “Hij kan zich niet meer vastgrijpen aan zijn zitstok,” zei dokter Fenwick zachtjes. Barnaby knipperde met zijn grote donkere ogen en wankelde. Zoë voelde een steek in haar borst. “Dan help ik hem weer overeind,” fluisterde ze.

“Zijn oude poot is scheef aan elkaar gegroeid,” legde dokter Fenwick uit, terwijl ze zachtjes over het verband streek. “Hij heeft iets nieuws nodig om op te balanceren.” Zoë haalde haar koperen loep tevoorschijn. Ze hield hem een klein stukje van haar oog af, zodat ze nog goed kon kijken. Zo bekeek ze elke schub en elke pees van Barnabys goede poot. “Ik moet precies zien hoe een klauw grijpt,” zei

Die middag schetste Zoë klauwvormen op een klembord in het werkplaatsschuurtje. “Drie tenen, net als Barnaby,” mompelde ze terwijl ze uitgumde en opnieuw tekende. “En hij mag niet stijf zijn, hij moet kunnen buigen!” Wat als ze het fout deed? Buiten voor het raam keek Barnaby toe vanuit zijn kooi. Bij elk krasje van het potlood draaide hij zijn kop schuin, alsof hij wilde zeggen: weet je het zeker

Pagina 1 van "Zoë en het bionische been voor Barnaby de uil"Pagina 2 van "Zoë en het bionische been voor Barnaby de uil"Pagina 3 van "Zoë en het bionische been voor Barnaby de uil"

Maak het met de naam en foto van je kind · Bekijk de verhalenbibliotheek